De internationale pers kwam samen voor onze kopmannen (bron: Unsplash.com)

Wout van Aert en Remco Evenepoel over het kopmannenprobleem: “niet te vroeg keuzes maken”

De internationale pers kwam samen om de twee toprenners te bevragen (bron: unsplash.com)

Vanochtend om 9:00 Belgische tijd stond de langverwachte persconferentie van de twee Belgische topfavorieten voor de wegrit van zondag op de planning. Van Aert en Evenepoel hadden het vooral over hun tegenstanders en lieten ook hun licht schijnen op het kopmannenprobleem. Het tweetal liet iets langer op zich wachten omdat ze nog moesten opwarmen na een regenachtige training. Na een vertraging van een kwartiertje kon de persconferentie uiteindelijk toch starten.

“Ik heb voor het eerst weer eens goed kunnen slapen, opende Evenepoel het persmoment. Over hoe hij zich voelde na de lastige drie weken in Spanje liet hij de aanwezige journalisten, en vooral de concurrentie die ongetwijfeld meeluisterde, een beetje in het duister tasten. Hij verklaarde dat hij zich vandaag op training voor de eerste keer weer een beetje beter voelde.

Veel werd er niet prijsgegeven over de gesprekken en tactieken binnen de nationale ploeg. Vooral toen gevraagd werd hoe ze het ‘luxeprobleem’ van twee kopmannen wilden aanpakken bleven de renners mysterieus. “Er mogen niet te vroeg keuzes gemaakt worden”, zei van Aert nadat hij duidelijk maakte dat hij de betere is in de sprint en dat zijn co-kopman, Evenepoel, sterker is op de lange inspanning. Hij voegde toe dat het in hun voordeel kan werken dat ze met twee volwaardige kopmannen aan de start staan. Op die manier kunnen ze op de verrassing spelen.

Lessen uit vorig jaar

Door de afloop van het WK van vorig jaar gaan er veel geruchten de ronde dat de twee niet zo goed zouden kunnen opschieten met elkaar. Dit werd dan ook meteen weerlegd door beide renners. “Ja, we kunnen goed samenwerken!”, klonk het overtuigend. “De sfeer binnen de volledige ploeg zit zeer goed na twee intensieve weken samen te leven.” Evenepoel bevestigde door te zeggen dat ze geen andere keus hebben omdat ze niet individueel willen winnen, maar als team en vooral voor België.

Naar wie wordt er gekeken?

Over de concurrentie konden ze kort blijven. Vooral dezelfde namen kwamen terug. Frankrijk heeft een sterk team in de breedte en vooral kopman Benoît Cosnefroy is een grote bedreiging voor iedereen, al kan je een klepper als Julian Alaphilippe ook nooit afschrijven natuurlijk. Hetzelfde geldt voor de Italianen, die aan de start zullen verschijnen met Alberto Bettiol en Matteo Trentin. Over het Australische team kan dat ook gezegd worden. Michael Matthews zal zijn thuisvoordeel zeker willen uitspelen. Met knechten als Durbridge, Clarke, Hindley en O’Connor mogen zij zeker ook tot de topfavorieten gerekend worden.

Verder zijn er ook nog een aantal individuele toppers die niet uit het oog verloren mogen worden zoals Mathieu van der Poel, die ook een sterke Van Baarle in zijn team heeft, en Tadej Pogacar. Ze gaan ervan uit dat er zeker naar het Belgische team gekeken zal worden om de koers te controleren, maar er zijn nog teams die minstens even sterk zijn. Een team dat niet genoemd werd is Denemarken. Met Cort, Fuglsang, Kragh Andersen en Mørkøv beschikken zij ook over een paar sterke pionnen.

Uitgaan van eigen sterkte

Wout van Aert sloot af door de loftrompet boven te halen voor zijn ploeggenoten. “We moeten gebruik maken van het sterke team dat we hebben. Het is een voorrecht om met deze renners aan de start te kunnen staan.” Verder benadrukte hij nog eens dat ze lang genoeg moeten afwachten en niet te vroeg mogen toeslaan.

De algemene conclusie van de persconferentie is dus dat de twee kopmannen wel degelijk zullen samenwerken als het moet. Ze zien het zelfs als een voordeel om, in tegenstelling tot andere landen, met twee in de finale te zitten. Iets wat voor hen het ideale scenario lijkt te zijn. Ze zullen wel op hun sterkst moeten zijn om de concurrentie te kunnen kloppen, maar ze geloven in hun kwaliteiten, en met een team als dat van België moet dat zeker mogelijk zijn. Veel zal dus afhangen van de vorm van de dag en van het koersverloop zondag. We mogen dus zeker hopen op een Belg in de regenboogtrui volgend jaar, al is het nog niet zeker naar welke naam die zal luisteren.