“Mochten we iets kunnen betekenen tegen speelsters die al twaalf jaar lang 20 uur per week trainen, dan is dat voor mij al voldoende.” ©Robbe Wets

“Olympische Spelen zou perfecte afsluiter carrière zijn”

Charlotte Van Couter (22) maakt al twee jaar deel uit van de Red Pumas. Dat zijn de nationale lacrossevrouwen. “Voor elkaar haal je het beste uit jezelf.

Ze draagt een brace aan haar rechterpols. Pas toen ze ging muurklimmen – wat ze recreatief beoefent naast lacrosse – voelde ze dat ze op een hand geen kracht meer kon zetten. De pols bleek gebroken, hoogstwaarschijnlijk door een contact tijdens een training of match van haar fysieke hoofdsport. Charlotte is zes weken buiten strijd en mist zo een trainingsweekend met de nationale ploeg. Toch bracht ze haar complete uitrusting mee: van schoenen over bril tot stick en bal. Nog in haar rugzak zit een tablet.

“Een normale opstelling in balbezit is eigenlijk dat alle aanvallers zo rond de goal staan.” Op het scherm tekent Charlotte hoe het spel eruitziet. “Door accurate passen en snelheid probeer je zo snel mogelijk bij dat doel te geraken.” Daarvoor gebruiken ze net als hockeyers een stick, met als enige verschil dat er aan het uiteinde een net is vastgemaakt. “Scheidsrechters checken wel of die legaal is, of je de pocket niet dieper maakte zodat je makkelijker de vliegende bal zou kunnen opvangen.”

Drawtaker

Meerdere regels dwingen een debutant om eerst uitleg te vragen voor zich aan een potje lacrosse te wagen. “Het veld is opgedeeld in drie zones en telkens de bal naar de andere kant vertrekt, blijven er per team verplicht drie van de negen veldspelers achter. Ik ben een middenvelder, mag dus overal op het veld lopen en bezit zo vaak de meeste controle in de wedstrijd.” Bij haar thuisclub, de Brussels Bobcats, fungeert ze ook als drawtaker, vergelijkbaar met de speler die in het basket de tip-off voor zijn rekening neemt. Ze toont het voor: “Voor de start van elk punt klemmen een tegenstander en ik de bal op de middenstip. Op het fluitsignaal proberen we elk met een beweging de bal in de handen van ons eigen team te brengen. Het is mijn favoriete positie omdat het je de meeste invloed geeft in de eerste fase van het spel.”

Voordat de blessure haar een halt toeriep, was Charlotte bezig aan een sterk seizoen bij de Brussels Bobcats. “Halverwege de competitie voeren we de rangschikking aan en zijn we nog ongeslagen. Dit jaar heerst de mindset om kampioen te worden. Daarom hebben we ook onderling afgesproken dat je niet de beste moet zijn op training, maar wel altijd moet afkomen.” In de Belgian Women’s Lacrosse League nemen de tien enige vrouwenploegen in het land het tegen elkaar op. “De vijf laagst geklasseerde clubs willen zich vooral amuseren en bijleren. Braine l’Alleud is wel een team dat ongeveer op hetzelfde niveau presteert als ons en daarmee vechten we altijd intensieve duels met veel ambiance uit. We noemen hen onze frienemies. De laatste ontmoeting voor corona verloren we, maar dit seizoen namen we revanche, waarna we met speelsters van beide kanten bij mij thuis een etentje hielden.”

BIO
Charlotte Van Couter
·       Geboren op 14 juni 1999 in Brussel
·       Speelt sinds 2017 voor de Brussels Bobcats
·       Deed in 2019 met België mee aan het WK U19 in Canada
·       Maakte in 2020 haar debuut in de volwassen nationale ploeg
·       Zit in haar laatste jaar International Sustainable Finance aan de KU Leuven
·       Is viertalig: Nederlands, Frans, Engels en Spaans

Schoolmoe

Vijf jaar geleden kreeg Charlotte de smaak van lacrosse te pakken in de Verenigde Staten. “In België was ik schoolmoe en ik ben redelijk impulsief. Mijn ouders waren gelukkig bereid en financieel in staat om me voor zes maanden naar Colorado te laten trekken. Ik begon daar als 16-jarige helemaal opnieuw, zonder vrienden en familie. Een ploegsport leek me de beste manier om nieuwe mensen te leren kennen.” Nog steeds houdt ze van de groepssfeer waar ze destijds voor viel. “Voor elkaar haal je het beste uit jezelf. Je kunt op je teamgenoten rekenen en hebt het gevoel ergens bij te horen.” Werken in dienst van de ploeg leerde ze onder het zware, Amerikaanse trainingsregime. “We trainden bijna 20 uur per week. Initieel had ik constant spierpijn, maar door het ritme raakte ik aan veel gewoon.”

Haar eerste internationale ervaring deed ze op in Canada tijdens het WK U19 in 2019. “Dat was het moment waarop ik de sport serieus begon te nemen. Ik had nog nooit zoveel getraind of zo gezond geleefd als in de aanloop naar het tornooi.” Het blijft een fantastische herinnering dat we daar de beste landen ter wereld mochten bekampen.” De Belgische juniors eindigden laatste, op de 22ste plek. “Ik was achteraf wel gefrustreerd omdat we van onze slotwedstrijden toch minstens één of twee hadden moeten binnenhalen. Een grotere ergernis van me lag in het verschil tussen de ene helft van de ploeg die zich grondig had klaargestoomd en de andere helft die het plezier meer vooropstelde.” Aan haar individuele prestatie kon ze zich optrekken. “Van de 500 speelsters belandde ik in de top 100. Dat jaar werd ik ook de derde beste vrouwelijke lacrosser van België.”

Colombiaanse positivo

Charlotte is geboren en getogen in België, maar omdat haar moeder uit Colombia komt, beschikt ze over twee paspoorten. “We zijn aan het plannen om in februari naar daar te vliegen zodat ik kan meedoen aan de try-out’s voor het WK van volgende zomer.” België kwalificeerde zich daar niet voor. “Ik zou al blij zijn mocht ik überhaupt geselecteerd zijn om Colombia te vertegenwoordigen in 2022. De oproep voor speelsters met de dubbele nationaliteit is vooral gericht naar meisjes in de VS. Israël bijvoorbeeld bestaat uit Amerikanen die niet goed genoeg zijn om voor de USA uit te komen en ook Italië zoekt die atleten. “Cultureel heb ik wel een streepje voor: ik ben Spaanstalig en bekijk de wereld altijd positief zoals de Colombianen ook genoodzaakt zijn te doen.”

Als ze op vlak van lacrosse voor het dilemma Colombia-België staat, dan genieten de Europese poema’s de voorkeur. “De coaches gaan resoluut voor een 100 procent Belgische nationale ploeg waar we trots op kunnen zijn. We zijn hier zelf allemaal begonnen en van hieruit gegroeid. Mochten we iets kunnen betekenen tegen speelsters die al twaalf jaar lang 20 uur per week trainen, dan is dat voor mij al voldoende.” Op de agenda van de nationale lacrossevrouwen prijkt het eerstvolgende tornooi, het EK, pas in 2024. “Net zoals een groot deel van de ploeg wil ik ernaar toewerken om in de top 15 van Europa te eindigen en ons te kwalificeren voor het WK. Ik kan in functie van die voorbereiding gerust nog wat vrijetijdsactiviteiten schrappen zoals muurklimmen. Na het EK herevalueren we dan of we nog doorgaan tot 2026.”

“Mijn professionele carrière en een eventueel gezin zullen uiteindelijk wel voorrang hebben op het lacrosseavontuur. “Met de sport kan je nog niet je brood winnen, tenzij misschien in de VS. Daar zal de vergoeding echter ook niet volstaan om er gans je leven van te genieten.” Ook in haar werk is Charlotte razend ambitieus. “In mijn masterjaar International Sustainable Finance aan de KU Leuven ben ik samen met een vriendin een recyclageapp en bijhorende start-up aan het opzetten. Als dat project slaagt, ligt de weg open om uit te breiden naar wind- of zonne-energie of een echt recyclagebedrijf. Ik wil de wereld verbeteren.” Tijdens die grenzeloze plannen zou weleens, in de zomer van 2028 in Los Angeles, het verhoopte debuut van lacrosse bij het grote publiek kunnen plaatsvinden. “Dat zou de perfecte afsluiter zijn in lacrosse. (Droomt weg) Dat…Olympische Spelen.”