De wereld is om zeep, maar dan wel biologisch afbreekbare

Column

Het is een donkere namiddag, het miezert ook. Ik wacht op de trein van 14u55 aan perron 4b. Een accordeonist zit op perron 5, het perron tegenover het mijne, op de koude grond wat te spelen. Ik vermoed dat het een eigen creatie is. Hij moet nog wat oefenen. Ik ben de enige die kijkt en vermoedelijk ook de enige die luistert. De man naast mij neemt nog een trek van zijn stinkende sigaar terwijl hij naar iemand belt. Die ‘iemand’ is vermoedelijk zijn vrouw, of toch een figuur die er op lijkt. Aan mijn andere kant zit een persoon het spelletje ‘Candy Crush’ te spelen op zijn gsm. De wereld is om zeep, denk ik toch.

Urbanus zong het al vorige eeuw in ’74. En ik schrijf het deze eeuw ‘20. Om zeep gaan betekent verdwijnen of sterven. En ja, ook al schreeuwen de populisten dat de klimaatopwarming een verzinsel is van de groenen, onze wereld is stervende.

De politiek is eindelijk na decennia van negeren tot verstand gekomen, deels. Ja inderdaad, ze hebben al veel nieuwe regeltjes gemaakt die ‘klimaatbevorderend’ zouden moeten zijn. En ja iedere partij kan zichzelf tegenwoordig ‘groen’ noemen, maar iedereen met een portie gezond verstand weet dat dit niet genoeg is. Deze keer geef ik Anuna De Wever gelijk. ‘Planepoolen’ is niet de oplossing mevrouw Demir, maar dat weet u zelf ook wel.

Want groen zijn blijkt niet zo populair. Rechts tot extreemrechts stemmen is de politieke tendens in deze woelige tijden. En we zien maar weinig rechtse klimaatbewusten. Waarom moet groen ook altijd links zijn? Toen de laatste groene conservatieveling, de zachte anarchist, het parlement vorig jaar verliet, was de wereld opnieuw een beetje om zeep.

Sorry. Ik beken. Ik ben helemaal geen groene jongen, nog nooit geweest. Ik kan niet leven zonder mijn dagelijkse portie vlees. Ik ben een autoliefhebber. En ik stem niet op Groen. En toch begint de opwarming van het klimaat me meer en meer zorgen te maken. Wat als mijn kinderen opgroeien in een compleet andere wereld? Een wereld waar klimaatrampen dagelijkse kost zijn. Een wereld die slechts een schim is van zijn oudere zelf. Waar rechts populisme heerst en de klimaatrampen de schuld zijn van de sossen.

Misschien moet ik het toch eens proberen, zeg ik dan. Om wat klimaat bewust te gaan leven. Niet iedere dag kiezen voor vlees. Niet zo snel de auto nemen. Eindelijk mijn herbruikbare waterfles gebruiken, die al eeuwen in de kast staat. In plaats van de wereld om zeep te helpen kan ik nieuwe zeep halen, biologisch afbreekbare. En als ik zelf nog niet de stap kan zetten om klimaat bewuster te gaan leven, kan ik gelukkig de schuld nog altijd op de politici steken.

Ik zit op de trein en staar door het raam. Ik zie een moeder met haar klein kindje. Het huppelt vrolijk over de losliggende kasseien van het beroerde perron 4. Klein zijn, toen je grootste probleem het tijdstip van slapengaan was. De trein vertrekt. En mijn ogen vallen dicht.