Zorgverleners bezorgd over verlenging abortustermijn

In de commissie justitie ligt een voorstel klaar om de verlenging van de abortustermijn te verlengen van twaalf naar achttien weken. Een paars-groene meerderheid zou te vinden zijn voor dit voorstel. Zorgverleners en experten vragen van het wetsvoorstel af te zien.

Nu er in het federaal parlement wachten is op een federale regering en op een meerderheid, willen de parlementsleden gebruik maken van die impasse om ethische vraagstukken te herbekijken. Er ligt daarom een wetsontwerp klaar om de abortustermijn aan te passen. In ons land is abortus onder strikte voorwaarden al mogelijk sinds 1990. Vandaag kan het in België tot twaalf weken na de bevruchting, maar dat willen ze verlengen naar achttien weken.

Op het voorstel komt veel kritiek. In een open brief die verscheen in de krant De Morgen vroegen zo’n 750 artsen, vroedvrouwen en andere zorgverleners om van het wetsvoorstel af te zien. Chantal Kortmann, jeugdarts en lid van de nationale commissie voor de beoordeling van de zwangerschapsonderbreking, is een van de initiatiefneemsters van de open brief . Zij vindt dat er niet genoeg geluisterd wordt naar experten. “Men beweert dat men veel experten heeft gehoord, maar toen ik al mijn argumenten vertelde aan diegene die het wetsvoorstel indiende, bleek dat zij al die argumenten nog nooit had gehoord. Ik denk dan ook dat nog niet alle stemmen in het debat zijn gehoord”, aldus Kortmann.

Door de termijn te verlengen naar achttien weken gaat België Nederland achterna, waar het zelfs mogelijk is tot 22 weken. Nu zijn er jaarlijks 400 à 500 vrouwen die naar het buitenland gaan om daar de ingreep te doen. Toch vindt Kortmann dat dat een vertekend beeld geeft. “Het probleem met Nederland is dat de wet daar al zeer oud is (sinds 1984, red.), maar nooit meer in vraag gesteld is. Men is daar nu eigenlijk met een nieuwe generatie van mensen die opgegroeid zijn met die wet en die die wet wél in vraag beginnen te stellen.”

Het voorstel wordt eerst gestemd in de commissie Justitie en gaat daarna naar de plenaire Kamer om door de voltallige Kamer te worden gestemd.