“Motivatie is de doorslaggevende factor die leidt tot succes”

Een van de belangrijkste duurloopwedstrijden, de Spartathlon, gaat morgen 27 september van start. Het internationale deelnemersveld loopt dan van Sparta naar Athene. De afstand bedraagt 245,3 kilometer en dient afgelegd te worden binnen 36 uur. We spraken met Wouter Decock, een 36-jarige Ieperling die zelf ook duurlopen beoefent.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is IMG_6676.jpg
©Wouter Decock

Wouter Decock loopt sinds zijn 22. Hij begon spontaan met recreatief lopen. “Puur voor de fun en omdat het gezond is.” Wouter besloot om deel te nemen aan enkele wedstrijden. Daar kwam hij in contact met Jan Vandendriessche, de gewezen krachtballer en ultraloper die nu trainer is van Wouter. Jan Vandendriessche raadde Wouter aan om langere afstanden te lopen. Hij zag dat Wouter veel talent en duurvermogen had.

De juiste voeding is voor een topsporter uiterst belangrijk. Daarom schakelde Wouter ook de hulp van een diëtist in. Geleidelijk aan ontdekte Wouter Decock wat zijn lichaam wel en niet aankon. “Soms heb je goesting in iets en moet je dat laten, zeker de maanden voor je wedstrijd.”

“En dan was ik vertrokken”

Als prof moet hij ook veel gerichter trainen. De ultraloper moet heel wat kilometers maken, daarom is een goede planning heel belangrijk. “Het heeft een groot effect op mijn privéleven, maar zeker niet negatief. Je omgeving speelt een grote rol en daar moet je geluk mee hebben. Ik heb geluk. Mijn vriendin en mijn pa steunen me heel hard.” In 2014 behaalde Wouter Decock zijn eerste overwinning. Hij mocht de zes urenloop op zijn naam schrijven na een spannende tweestrijd. Later dat jaar zou hij ook zijn eerste Belgische titel winnen op de 100km.

Discipline is volgens Wouter het belangrijkste aspect voor een duurloper. Je moet veel over hebben voor de sport en de trainingen zijn zeer zwaar. “Tijdens de wedstrijd moet je mentaal sterk blijven. Tijdens de zes à zeven uren dat je loopt voel je je oncomfortabel, daarom moet je jezelf mentaal motiveren om vol te houden.”

Wouter is vijfvoudig Belgisch kampioen duurlopen, iets wat weinigen hem nadoen in welke sport dan ook. Zelf heeft hij hier maar één verklaring voor: “Ik ben zeer toegewijd aan wat ik doe. Ik doe er heel veel voor en probeer alles verstandig aan te pakken.” Natuurlijk kan hij dit niet allemaal alleen en wordt hij omringd door een team van specialisten. “Er is iemand die me begeleidt en ik heb een hele goede sportdokter.”

©scrotofoto

“Als je dat allemaal hebt, is motivatie de doorslaggevende factor die leidt tot succes”

Enkel met de juiste mensen om je heen word je geen Belgisch kampioen. Er moet ook veel vanuit jezelf komen. “Genetica is zeer bepalend. Je bent ervoor aangelegd of je bent dat niet. In feite is het een combinatie van genetica en het juiste lichaam hebben.

Ook voor Wouter blijft winnen altijd even euforisch. Het gevoel van winnen blijft altijd even sterk. De eerste van de vijf Belgische titels was natuurlijk heel speciaal. De vraag is meer of je het ooit gewend wordt. En daarop is het antwoord nee.” In 2018 werd Wouter geen Belgisch kampioen omdat hij te kampen had met een blessure. “Ik had moeite om dat te verwerken maar dit jaar is het me dan wel weer gelukt. Dan beleef je opnieuw die blijdschap na een mislukt jaar.”

Blessures horen bij de sport. Als sporter moet je dan leren om gaan met tegenslagen en wilskracht tonen om weer op zijn oude niveau te komen. “Het kost heel wat tijd om er weer bovenop te komen maar het gaat makkelijker dan vroeger. Uit ervaring leer je dat je er toch weer bovenop komt. Af en toe ga je wel eens niet naar een feestje of ga je vroeger naar huis en dan doet het pijn omdat je het allemaal voor niets hebt gelaten.”

Aan alle mooie verhalen komt een einde. Wouter heeft voor zichzelf besloten te stoppen met duurlopen na het WK in september 2020. “Mijn lichaam begint steeds meer te protesteren na 7-8 jaar in competitie te zitten. Ik ben wel nog van plan om recreatief te lopen. Zo kan ik blijven lopen en ook meer aandacht aan andere dingen besteden.”